Pillar
Advocaat bestuurdersaansprakelijkheid
Hoe artikel 36 IW werkt, wanneer u aansprakelijk bent voor belastingschulden van uw BV, en waar uw bewijspositie in de disculpatie ligt.
Bestuurdersaansprakelijkheid is een van de hardste fiscale instrumenten die de Belastingdienst heeft. Waar een belastingaanslag de BV raakt, raakt een aansprakelijkstelling onder artikel 36 Invorderingswet u persoonlijk. Uw privévermogen, uw woning en uw bankrekeningen liggen op tafel.
Hieronder hoe de aansprakelijkheid juridisch in elkaar zit, waar uw bewijspositie ligt en welke verweren slagen. De inzet is niet de fiscale aanslag van de BV; het gaat om de civielrechtelijke verhaalsroute waarmee de Ontvanger u persoonlijk laat opdraaien.
Wat is bestuurdersaansprakelijkheid?
Artikel 36 Invorderingswet maakt bestuurders van rechtspersonen persoonlijk aansprakelijk voor bepaalde onbetaalde belastingschulden van de rechtspersoon. Het gaat onder meer om: loonheffing, omzetbelasting, accijns, bepaalde milieuheffingen, en enkele specifieke regelingen. Inkomstenbelasting en vennootschapsbelasting van de BV vallen er niet onder.
De aansprakelijkheid is hoofdelijk: iedere bestuurder kan voor het geheel worden aangesproken. Onderlinge verdeling tussen bestuurders is een interne aangelegenheid, geen verweer richting de Ontvanger.
Hoe werkt de aansprakelijkstelling?
De Ontvanger stuurt eerst een vooraankondiging van aansprakelijkstelling, met de gronden en de hoogte van de gestelde aansprakelijkheid. U krijgt daarop gelegenheid te reageren. Daarna volgt (eventueel) een formele beschikking aansprakelijkstelling. Tegen die beschikking staat bezwaar open binnen zes weken, en vervolgens beroep bij de civiele rechter.
Bij verdere onbetaalde aansprakelijkheid kan de Ontvanger beslag leggen op uw privévermogen. In acute situaties wordt vaak parallel een kort geding gevoerd over de rechtmatigheid van het beslag.
De melding betalingsonmacht
Het centrale instrument in artikel 36 IW is de melding betalingsonmacht. Zodra een rechtspersoon (tijdelijk) niet kan voldoen aan haar belastingverplichtingen voor loonheffing, omzetbelasting of accijns, moet de bestuurder dit schriftelijk melden aan de Ontvanger. De termijn is strikt: binnen twee weken nadat de belasting verschuldigd had moeten zijn voldaan.
Bij een tijdige en volledige melding:
- Ligt de bewijslast voor kennelijk onbehoorlijk bestuur bij de Ontvanger
- Heeft u een toegankelijk verweer dat vaak slaagt
- Wordt uw bestuurspositie juridisch gerespecteerd
Bij niet, niet tijdige of onvolledige melding:
- Wordt kennelijk onbehoorlijk bestuur in beginsel vermoed
- Moet u zelf bewijzen dat het niet aan u te wijten is, met een aanzienlijk hogere drempel
- Vervalt het wettelijke vermoeden alleen via uitzonderlijk overtuigend tegenbewijs
De melding is dus niet een formele formaliteit, maar de scharnier tussen toegankelijk verweer en bijna onhaalbaar verweer.
Welke vorm en welke inhoud heeft de melding?
De melding moet schriftelijk, gemotiveerd en feitelijk volledig zijn. Een korte mededeling “wij kunnen niet betalen” is onvoldoende. De Ontvanger verwacht informatie over:
- De omvang van de betalingsachterstand
- De financiële situatie van de onderneming
- De oorzaken van de betalingsonmacht
- De maatregelen die u heeft getroffen of voornemens te treffen
- Een prognose voor herstel
Veel meldingen lopen mis omdat de informatie verkokerd of incompleet wordt aangeleverd. Dat is een eenmalige kans die niet hersteld wordt door later aanvullen.
Disculpatie: het kernverweer
Zelfs als sprake is van een formele tekortkoming kunt u verweer voeren op grond van disculpatie: bewijs dat u geen kennelijk onbehoorlijk bestuur valt te verwijten. Concreet wordt gekeken naar:
- Of u zich heeft gedragen als een redelijk denkend bestuurder onder vergelijkbare omstandigheden
- Of u heeft gehandeld op basis van adequaat advies van adviseurs of accountant
- Of de oorzaak van de betalingsachterstand buiten uw invloed lag (markteffecten, klantfailliet, fiscale wijziging)
- Of u heeft getracht de schade te beperken zodra de problemen zichtbaar werden
De rechtspraak van de Hoge Raad heeft het begrip “kennelijk onbehoorlijk bestuur” objectief ingevuld: het gaat niet om de subjectieve intentie, maar om de feitelijke handelwijze gemeten naar een redelijke maatstaf. Dat geeft ruimte voor verweer, mits de bewijspositie zorgvuldig is opgebouwd.
Ketenaansprakelijkheid
Naast de algemene bestuurdersaansprakelijkheid kent het belastingrecht specifieke ketenaansprakelijkheden voor loonheffing en omzetbelasting. Bij ondernemingen die werken met onderaannemers of uitzendkrachten kan de hoofdaannemer of inlener aansprakelijk worden gesteld voor de loonheffing en BTW van de keten. Voor specifieke verweren (g-rekening, vrijwaring, depot) is afzonderlijke beoordeling nodig.
Wat doen wij
Wij voeren verweer tegen aansprakelijkstellingen in alle fasen:
- Beoordeling van vooraankondiging en opstellen van schriftelijk verweer
- Beoordeling en, waar nog mogelijk, verbetering van uw melding betalingsonmacht
- Bezwaar tegen de beschikking aansprakelijkstelling
- Beroep bij de civiele rechter en hoger beroep (cassatie via warme overdracht aan cassatieadvocaat)
- Kort geding tegen onrechtmatig beslag op privévermogen
- Onderhandeling met de Ontvanger over een betalingsregeling of vermindering
Het eerste oriëntatiegesprek is kosteloos en zonder verplichting. Wij werken waar mogelijk met een vast bedrag per fase.
Veelgestelde vragen over advocaat bestuurdersaansprakelijkheid
Wat is bestuurdersaansprakelijkheid voor belastingschulden?
Op grond van artikel 36 Invorderingswet kan de Ontvanger u als bestuurder persoonlijk aansprakelijk stellen voor onbetaalde loonheffing, omzetbelasting, accijns en enkele andere belastingen van uw BV. De aansprakelijkheid is een civielrechtelijk vehikel: de Ontvanger bouwt een bewijspositie op die kan leiden tot beslag op uw privévermogen.
Wat is de melding betalingsonmacht?
Een schriftelijke melding aan de Ontvanger dat uw BV (tijdelijk) niet aan haar belastingverplichtingen kan voldoen. De melding moet plaatsvinden binnen twee weken nadat de belasting verschuldigd had moeten zijn voldaan. Bij een tijdige en volledige melding ligt de bewijslast voor kennelijk onbehoorlijk bestuur bij de Ontvanger; zonder of bij een te late melding wordt onbehoorlijk bestuur in beginsel vermoed.
Wat is disculpatie?
Disculpatie is het bewijs dat u geen kennelijk onbehoorlijk bestuur valt te verwijten. Bij tijdige melding ligt de bewijslast voor kennelijk onbehoorlijk bestuur bij de Ontvanger en heeft u een toegankelijker verweer; bij niet of niet tijdige melding moet u zelf bewijzen dat het niet aan u te wijten is, een aanzienlijk hogere drempel.
Kan ik als ex-bestuurder ook nog worden aangesproken?
Ja. Artikel 36 IW spreekt elke persoon aan die bestuurder was in de periode waarop de belasting betrekking heeft. Aftreden voor het ontstaan van de aansprakelijkheid is geen automatisch verweer; de periode waarin u bestuurder was telt mee.
Wat als de Ontvanger beslag legt op mijn privévermogen?
Beslag is alleen rechtsgeldig als de aansprakelijkstelling vaststaat of in voorwaardelijke vorm is voorgenomen. Tegen onrechtmatig beslag staan civielrechtelijke routes open (kort geding, opheffing van beslag). In de hoofdzaak loopt parallel de inhoudelijke procedure over de aansprakelijkheid.
Wanneer schakelt u een advocaat in?
Direct bij ontvangst van een vooraankondiging of een aansprakelijkstelling. De disculpatie wordt voor een groot deel bepaald door wat u in de eerste weken aanvoert en welke stukken u veiligstelt. Wachten verzwakt uw positie.
Direct overleg over uw situatie
Eerste oriëntatiegesprek kosteloos. Reactie binnen 24 uur, ook buiten kantoortijden bij urgentie.